Is men verplicht om afgevallen bladeren te ruimen op de openbare weg?

 

In de zomer zijn de bomen door iedereen geliefd. Men zou vechten om de wagen onder de schaduw van een boom te parkeren. In de lente prikkelen de  ontknopende en bladgroen uitlopende bomen de kriebels. Zij brengen zuurstof, schaduw, groen en leven in de straat. Op Keyserlei in Antwerpen zijn protestacties en houdt men zelfs 's nachts de wacht opdat de lindebomen er zouden blijven staan.

Niet iedereen ziet het zo en zeker niet in de herfst wanneer de bomen vermoeid hun bladeren laten vallen en de directe omgeving veranderen in een decoratief herfstbladtapijt dat na de winter door compostering de boom zijn voeding teruggeeft zodat deze dan weer ten dienste kan staan voor de mens. Wat voor de een hinder is, is voor de ander rijkdom. Soms moet men de zaken nemen met de buts en de buil.

Wij stelden de vraag of de eigenaar van een boom verplicht kan worden de vallende bladeren (natuurlijk fenomeen) te verwijderen wanneer die door natuurlijke omstandigheden op de openbare weg of andermans eigendom terecht komen. Het antwoord is dat dit alleen maar in bepaalde gevallen kan en nog uitsluitend voor bepaalde delen van de openbare weg en dus niet voor privé eigendommen. Artikel 156 en 157 van de politiecodex verwijzen hiernaar waarbij dan nog een onderscheid gemaakt wordt tussen wegen met of zonder voetpad.

Tot op heden (november 2010) werden in Meerhout nog geen eigenaars aangemaand om bladeren op te ruimen en zijn dergelijke klachten nog niet voorgekomen.

De veiligheid van de weggebruikers dient ten allen tijden gevrijwaard te worden en in die zin is de gemeente als wegbeheerder van de buurtwegen verplicht deze te onderhouden en open te houden.

Maar een bijkomende vraag is hoelang, in tijden van besparing, de gemeente op  verzoek van enkele burgers, bladkorven ter beschikking stelt en de bladeren gratis komt ophalen om dan tegen betaling als afval te laten verwerken?

 

 

Volledigheidshalve geven wij de betrokken artikels uit de politiecodex:

 

Reinheid voetpad, goot, riool

Artikel 15637

De bewoner of gebruiker is verplicht alle maatregelen te treffen om de reinheid van

het voetpad palend aan de door hem bewoonde of gebruikte eigendom te garanderen, zonder

evenwel de bestrating te beschadigen. In straten waar geen voetpad is aangelegd, dienen

de hoger vermelde personen de reinheid te garanderen over een breedte van minimum

1,50 m gemeten vanaf de rooilijn.

Artikel 157

Bovendien dienen de straatgoot en het rioolrooster palend aan dit deel

voetpad, rein gehouden te worden teneinde de waterafvoer op generlei wijze te

belemmeren, er over wakend dat de aangetroffen stoffen niet in de riolering terecht

komen doch reglementair verwijderd worden.

Zo is het verboden slijk, zand of vuilnis dat zich voor of nabij de woning bevindt op de

straten, in de greppels of in de rioolputten te vegen. Het is tevens verboden via de

rioolputten of -kolken producten of voorwerpen in de riolering te brengen die een

verstopping kunnen veroorzaken of die schadelijk kunnen zijn voor de openbare

gezondheid en het leefmilieu, zoals bijvoorbeeld vloeibare afvalstoffen, verven, vetten en

derivaten van petroleum.

Bij appartementsgebouwen rust deze verplichting prioritair op de

bewoner/gebruiker/eigenaar van de gelijkvloerse verdieping of op de gemeenschap van

bewoners/gebruikers/eigenaars.

Bij leegstaande gebouwen rust deze verplichting op de eigenaar.

Bij onbebouwde percelen rust deze verplichting op de gebruiker/eigenaar van de grond.

 

 

MD 20111108